de Volkskrant, Forum, 9 augustus 2001
Twijfel bewijst zorgvuldigheid klimaatonderzoek
Ondanks het klimaatakkoord van Bonn, blijft de onzekerheid over het broeikaseffect bestaan.
Toch is de kritiek van de sceptici op de wetenschappers van het VN-klimaatpanel niet terecht,
meent Arthur Petersen. Zorgvuldiger kan hun werkwijze niet zijn.
Ruim twee weken na de geslaagde klimaatconferentie in Bonn lijkt het broeikasdebat zich te verplaatsen van de wetenschap
naar de ethiek (zie ook Forum van 2 en 7 augustus). Daarvóór lag het accent meer op het broeikaseffect
zelf. Niet alleen op deze pagina werd in de weken voor de klimaatconferentie in Bonn de knuppel
in het hoederhok gegooid. Wereldwijd zochten 'sceptici' de publiciteit om te wijzen op de grote
onzekerheden in het klimaatonderzoek.
Nog niet eerder werd zo fel op hen gereageerd als in de afgelopen periode. In een reeks
van ingezonden brieven, opiniestukken, declaraties en persconferenties werd door wetenschappers
getracht het door de sceptici geschetste beeld weg te nemen van een wetenschap die te onzeker was om
besluiten op te kunnen baseren.
Verschillende hoge wetenschappelijke organen, zoals academies van wetenschappen,
riepen politici op om zich niet achter onzekerheden te verschuilen, maar hun verantwoordelijkheid
te nemen op basis van wat we wél denken te weten van de risico's die worden gelopen met
een uit de hand lopend broeikaseffect.
De repliek waarvan de sceptici werden bediend, was veelal gebaseerd op het laatste rapport van
het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC). In dit rapport wordt zorgvuldig aandacht besteed
aan wat we wel en niet weten over klimaatverandering en welke delen van onze kennis gepaard gaan met
grote onzekerheden.
Zo valt er in het rapport te lezen dat er wereldwijde opwarming
heeft plaatsgevonden aan het aardoppervlak, een feit waar klimaatwetenschappers het vrijwel unaniem over
eens zijn. Hoe groot het aandeel van de mens in de recente opwarming is geweest, daar is echter nog veel
discussie over. De eindconclusie van het IPCC is dat het 'waarschijnlijk' is dat de mens het grootste
deel van de opwarming van de afgelopen vijftig jaar heeft veroorzaakt.
In de analyse van uitspraken van wetenschappers die het
klimaatbeleid willen ondersteunen met een beroep op het IPCC, valt op dat zij structureel de
onzekerheden onderbelichten. Wetenschappers zouden er inmiddels 'zeker' van zijn dat de mens op dit
moment al verantwoordelijk is voor een significante klimaatverandering. Zo'n reactie van de
wetenschappers is echter niet gepast. Het leidt namelijk niet tot een houding waarin adequaat met de
nog resterende onzekerheden kan worden omgegaan.
Wetenschappers hebben de verantwoordelijkheid om genuanceerd te
zijn in hun uitspraken. Zij moeten waken voor het claimen van zekerheid voor uitspraken waar nog geen
zekerheid over bestaat. Ook journalisten hebben de verantwoordelijkheid om 'zeker' en 'waarschijnlijk'
uit elkaar te houden, ook als er wetenschappers zijn die het met dit verschil niet zo nauw nemen. Zo
werd na het gereedkomen van het eerste deel van het IPCC-rapport in januari van dit jaar wereldwijd
vrijwel nergens in de media vermeld dat de mens 'waarschijnlijk' van invloed was geweest op de recente
klimaatverandering.
Om het IPCC in de toekomst een wat vruchtbaarder rol in de
publieke discussie te kunnen laten spelen, is het goed om nader in te gaan op de wijze waarop deze organisatie te werk gaat.
Al de aandacht voor onzekerheden en de keuze voor voorzichtige
formuleringen in IPCC-rapporten zijn het gevolg van een zeer zorgvuldig reviewproces, waarin commentaren
van velerlei experts en regeringen worden verwerkt. De groep van experts is zeer divers en strekt zich
uit van klimaatwetenschappers die vooral met waarnemingen tot klimaatwetenschappers die vooral met
ingewikkelde modellen werken.
Ook de perspectieven die verschillende regeringen inbrengen, zijn
divers: sommige landen proberen de conclusies aan te scherpen, andere proberen ze te af te zwakken –
altijd moeten echter de onderliggende hoofdstukken de conclusies dekken en blijven de auteurs
verantwoordelijk voor de tekst.
De auteurs zijn verplicht serieus aandacht te besteden aan alle
commentaren en te rapporteren wat ze met de commentaren hebben gedaan. Onafhankelijke reviewredacteuren
bewaken dit proces. De suggestie van sommige sceptici dat binnen het IPCC niet naar hen wordt geluisterd
is dan ook onjuist.
De opname van sceptici in het productieproces van IPCC-rapporten
mag door sommige auteurs wel eens als vermoeiend worden ervaren, voor de geloofwaardigheid van dit
VN-orgaan zijn zij echter onmisbaar. Het kan ertoe leiden dat het debat over het wel of niet bestaan van
het broeikaseffect een steeds gematigder karakter krijgt, zoals op dit moment lijkt te gebeuren. De
genuanceerde eindconclusies van het IPCC laten enerzijds ruimte voor sommige sceptische visies op het
klimaatprobleem en kunnen anderzijds gebruikt worden om vorm te geven aan het voorzorgprincipe: beter
nu alvast maatregelen nemen dan wachten op zekerheid.
Ik wil mijn standpunt in deze niet verzwijgen: we zullen uit
voorzorg de emissies van broeikasgassen flink terug moeten brengen – veel verder dan afgesproken in
Bonn, omdat het waarschijnlijk waar is dat de mens tot op heden het klimaat aantoonbaar veranderd heeft.
En als dit waar is, zullen bij ongewijzigd beleid de gevolgen in de volgende eeuw met name in de
ontwikkelingslanden waarschijnlijk onaanvaardbaar groot zijn.
Arthur Petersen is onderzoeker wetenschapsfilosofie aan de Vrije Universiteit
Amsterdam en doet onderzoek naar het IPCC.